2024 – 10: Bretagne

Dag nul: Op naar Bretagne

Dit jaar gaat de “herfstrit” naar Bretagne. Op vrijdag 11 oktober vertrekken we vroeg, dan halen we Honfleur waarschijnlijk wel. Daarna trekken we ‘weer’ door Bretagne, we waren er al eens, maar zoals altijd: er is nog genoeg te zien.

De 23ste zijn we weer thuis.

Dag 1 – vrijdag 11 oktober: Een lange haal

Al een paar dagen stond de Moncayo voor het huis te wachten om te vertrekken.

Dat is natuurlijk niet helemaal waar, want er moest nog wel het een en ander gebeuren! O.a. het achteruitrij-camerasysteem (en elektronische achteruitkijkspiegel)was kapot. Bol.com had nog net de tijd om een nieuw systeem af te leveren. Maar het moest dan nog wel ingebouwd worden.

Afijn, om 9:15 uur vertrokken we met wat druilerig weer, wat in de loop van de dag eigenlijk alleen beter is geworden.

We hadden een alternatieve route gekozen om het immer drukke Antwerpen te mijden: de Westerscheldetunnel door en daarna vrijwel langs de kust naar het zuiden afzakken. Dat betekende dat we regelmatig de zee konden zien (Calais, Boulogne). Het werd een supernormale reisdag met veel kilometers, veel muziek, pepermuntjes en… zon!

Rond half zes reden we over de prachtige ‘Pont de Normandie” en rond zessen kwamen we bij de camperplaats van Honfleur aan. Na een wandeling door het heel aardige oude stadje, lekker eten in de camper en een plannetje maken voor de komende dagen, was de reisdag toch echt voorbij.

Dag 2 – 12 oktober: Cancale

De CP (camperplaats) Honfleur kwam maar langzaam op gang. Het was nog bommetje vol toen we (pas) tegen tienen(!) vertrokken. Cadeautje, de slagboom stond open… gratis CP dus!

De route vandaag was ook niet zo lang. Zo’n 230 km en dan zouden we op de Pointe de Grouin zijn, de kaap ten noorden van Cancale. Zoals gezegd, deze plek kenden we alleen van een héél dikke mist. De poging om toen op die Pointe de Grouin te komen mislukte toen, want géén zicht! En nu staan we er! En wel op een leuke camping die nog tot 19 oktober open is. Aan de Bretonse kust sluiten de meeste campings per oktober komen we zo langzamerhand achter…

Uitzicht op zee, in de verte Mont Saint Michel, en langs onze plek loopt het Sentier des Douaniers. Dat is een GR (Grand Randonnée).

Op dat moment hebben we besloten om het pas gemaakte plan, over boord te gooien: we blijven hier zéker een dag langer, misschien wel twee.

Het weer was behoorlijk, ondanks alle voorspelde regen, nauwelijks iets van gemerkt! Dus op de fiets naar Cancale om op zoek te gaan naar een plek waar (zoals in 2017) lekkere pannetjes mosselen gegeten kunnen worden. Gevonden, genoten en op de fiets in avondschemer terug.

Morgen lopen we het kustpad (de GR), ze zeggen hier dat dat een uur of twee kost, dat is te doen. En overmorgen? Saint Malo, op de fiets, langs de kust. Dus weer een leuk avontuur in het vooruitzicht.

Dag 3 – 13 oktober: Sentier de Douaniers

Zoals Josine vanmorgen in een appje vroeg: “Zijn jullie vanmorgen wakker geworden, waar je wakker wilde worden?”

Volmondig: ja! De zon verscheen boven de horizon en daarmee konden we Mont Saint Michel goed zien liggen, vlak voor de deur van de camper!

Het Sentier de Douaniers was een pittig kustpad, wel erg mooi. De wandeling, klauterpartij komt met stip in onze top 10 van mooiste wandelingen!

Naast oesters en mosselen moet je in Bretagne ook crêpes eten. Dat hebben we dus halverwege, in Cancale, gedaan. Halverwege? Oorspronkelijk was het plan om de bus terug te nemen… maar zondag en dus afgeslankte busdienst. Een uur moeten wachten op de bus… dan maar teruglopen! Dus kwamen we lichtelijk uitgeput bij de camper terug. Prachtig weer gehad, mooie wandeling en nu een biertje en een snackje. Morgen Saint. Malo op de fiets.

Dag 4 – 14 oktober: Fouré et Marie-Laure

voelige ledematen wel fijn, na de wandeltocht van gisteren. Naviki construeerde een aardige route voor onze fietsen en de eerste stop was in Rothéneuf. Daar heeft een abt, Julian Fouré, die na een beroerte doofstom was geworden, op het landgoed van de familie Druais, wel zo’n 300 beelden uit de rotsen gehouwen; familieleden, vissers, monsters, smokkelaars, dus zowel echte als fantasiefiguren.

Het is niet eens zo’n grote rotspartij, maar wel met spectaculaire en doodenge paadjes. Het is een pareltje aan de kust! De naam van dit alles? Rochers sculptés.

Vervolgens kwamen we in Saint-Malo. Hier waren we al eerder geweest, maar ditmaal wilden we graag de stadswandeling maken die alle plekjes langsgaat, zoals beschreven in het boek van Anthony Doerr, “Als je het licht niet kunt zien”.

We hadden een kaartje met allemaal nummers erop gevonden óp het net’, en hoopten zo de bijzondere plekjes uit het boek te kunnen vinden.

We startten op de prachtige stadswal die rond de oude stad loopt, maar ontdekten al snel dat de nummers geen enkele info gaven… Tja, zo kwamen we ook door super saaie, lelijke straten en, werkelijk, nét toen we bedachten dat we beter terug naar de fietsen konden lopen…stonden we in de straat waar Marie-Laure, het blinde meisje uit Doerr’s verhaal, ondergedoken was geweest. Rue Vauborel, nummer 4.

Dat maakte alles weer goed. De wandeling was echt geen toeristische attractie, maar de stad Saint-Malo is dat zeker wel!

We namen de kustroute terug en rond zessen waren we weer bij de Moncayo.

Morgen gaan we écht weer verder, Bretagne in!

Dag 5 – 15 oktober: Les deux Caps

Vandaag was het weer zo’n plekje: moeilijk om afscheid te nemen.

Cancale, we komen terug!

De afstand van vandaag was geen grote, binnen 1 1/2uur waren we, inclusief boodschappen doen, in Sable d’Or Les Pins, weer aan de kust.

Precies tussen de superbekende Cap Fréhel en de minder bekende Cap d’ Erquy in. Vanmiddag, bij eb, gewandeld over een moeras (gelukkig, over een lange brug!) en grote stukken drooggevallen rivierbedding/strand.

Vanuit de camper konden we aan het begin van de avond zien dat alles waar wij liepen nu onder water ligt. Het getijdenverschil is dus best groot!

Morgen fietsen, óf naar de ene, óf naar de andere Cap. Als het weer meezit… beide Caps!

Dag 6 – 16 oktober: Eindelijk regen…

Het is de Cap d’Erquy geworden. Waarom?

De weersverwachting was zodanig dat we ‘s middags hoe dan ook dikke buien op ons dak zouden krijgen. Cap d’Erquy is minder toeristisch, maar zeker zo mooi lazen we, dus de keuze was snel gemaakt.

Op de fiets, weer een mooie route en weer een mooie landtong. Inmiddels kunnen we ook wel een top 10 van de mooiste landtongen maken. Op de een of de andere manier worden wij daar lopend of fietsend naar toe getrokken… De natuur was weer overweldigend, zeezicht naar (bijna) alle kanten, mooie berm(brem)begroeiing en… heel weinig mensen, héérlijk!

s Middags nét voordat de buien losbarstten zijn we vanuit de camper vertrokken om over het , door eb, drooggevallen strand te gaan ‘zwalken’. Het lukte net aan om geen natte voeten te halen door al die kreekjes waardoor het water nog naar de zee stroomde.

De rest van de dag hebben we ‘noodgedwongen’ in de camper doorgebracht. Lekker lezen, ook niet verkeerd. Morgen trekken we weer een stukje verder.

Dag 7 – 17 oktober: Het roze graniet

Verder Bretagne in, naar het westen. Het wordt keuzes maken de komende dagen. Welke plannen kunnen doorgaan, welke niet… en wat valt er te combineren.

We gaan weer naar de kust (Côtes d’Armor), naar de Trégor, met plaatsen als Trégastel en Trébeurden. Waar we heel nieuwsgierig naar zijn, zijn de roze granietrotsen rond Ploumanac’h.

Maar eerst regen onderweg (de enige bui van vandaag!) en de pot met goud wel heel dicht langs de weg. We vonden een prima CP bij Trégastel en even later zaten we op de fiets! Het stelde niet teleur: veel grote bizarre, door wind en water gevormde rotsformaties doken op. De fietsen op slot en wandelen maar! We waren behoorlijk onder de indruk.

Zo hebben we fietsend en wandelend in een heerlijk warm zonnetje dit deel van Bretagne verkend.

Ploumanac’h en Perros-Guirec zijn twee aantrekkelijke badplaatsen door hun ligging (rotspartijen en fraaie stranden)en hun mooie boulevard en authentieke uitstraling. 

Vanaf onze overnachtingsplek waren verschillende paadjes naar de zee, door bos en duin. Toen we ‘s avonds naar de zee wilden wandelen zagen we een joekel van een maan boven de CP staan… en al wandelend, keken we behoorlijk op onze neus: welk pad we ook namen, alles was onder water gelopen… vloed!!

Dag 8 – 18 oktober: Pointe de Bihit

16 Campers stonden er op de CP van Trégastel. Wel te begrijpen: als overnachtingsplek was er niets op aan te merken, veilig, schoon, dichtbij van alles… én je kon er grijs water kwijt, schoon water tappen en de WC legen. Geen elektriciteit, maar het zonnepaneel voorziet ons, samen met het zonnetje en een goede accu, van voldoende stroom.

Wij gingen, jawel (!) drie kwartier rijden: naar Trebeurden, waar zomaar op de Pointe de Behit 3 camperplaatsen zijn. Daar wilden we er graag 1 van hebben. Altijd weer spannend, wáár kom je terecht? Is het er wel zo mooi als je je hebt voorgesteld? En, belangrijk, is er een plekje voor ons?

Nou, dat was er, niet een geweldige plek, maar een plek… en toen vertrok een camper… van de mooiste plek van de hele Pointe, ‘vooraan’ met prachtig uitzicht! Meteen doorgeschoven, boffen!!

Het werd eb en dat betekende dat mensen met emmertjes en haaktangen, waterschoenen, wetsuits of laarzen kwamen om huîtres en moules te zoeken. Daar moesten ze wel flink voor klauteren en klimmen om aan de waterlijn bij de rotsen te kunnen ‘oogsten’.

Ons niet gezien, maar een wandeling over paden en stukken rots, da’s geen probleem. Het werd een prachtige wandeling. Zicht op zee, naar drie kanten en af en toe in de verte Trebeurden met zijn komvormige baai. Later in de middag zijn we dan ook naar het plaatsje gelopen en via allerlei geitenpaadjes weer terug naar onze CP.

Dit uitzicht, deze plaats, helemaal goed. We blijven hier een dag langer, het is veel te mooi om morgen al weer weg te gaan!

Dag 9 – 19 oktober: Hoera!

Slingers, kaarsjes, face-timen, kadootjes, en alsmaar app-piepjes. Kortom: er is er een jarig, hoera, hoera!

We zijn weer een paar weken even oud. Over weer gesproken: het weer is ons zeer goed gezind. vannacht heel veel regen, en overdag… zon en een blauwe lucht.

Naar Lannion op de fiets. ‘n Stadje, wat zich stevig geprofileerd heeft, in de goede zin: met de vestiging van het Centre National d’ Etudes des Télécommunications (1960). Van hier uit is in ’62 de eerste satellietverbinding tussen Europa en de VS tot stand gebracht. Lanniol heeft zijn karakteristieke uitstraling behouden, prachtige vakwerkhuizen, leuke straatjes, kortom een heerlijke stad om door te wandelen…. En toen hadden we een crevaison, jawel, een lekke achterband! Ter plekke geplakt (met behulp van sopwater van een cafeetje waar we koffie dronken).

In plaats van een verjaardags-diner ergens, zijn we in Trebeurden, vrijwel aan het strand gaan verjaardags-lunchen. De keuze was snel gemaakt: des moules, naturel ou Roquefort en een mooie witte wijn erbij! De zon scheen nog steeds toen we terug kwamen bij de camper. Formule 1, kijken naar de parapenters, boekje lezen, voor elk wat wils.

Ondertussen zijn de plannen voor de laatste 3 dagen al even zo vaak veranderd. Voorlopig: we blijven slapen op de Pointe de Bihit, gaan morgen een bezoekje brengen aan Morlaix, mét de camper.

Dag 10 -20 oktober: Weersomslag?

Vertrek van de Pointe. We voelden er ons ‘thuis’. Mooi uitzicht, mooie fiets- en wandelomgeving, mooie camperplek. Op naar Morlaix, ons meest westerlijke stukje Bretagne van deze herfstrit. Er blijft nog genoeg Bretagne te ontdekken, maar dat wordt een volgende keer.

Het weer is ‘s nachts compleet omgeslagen: regen, en veel wind, en dat ging de hele dag gewoon door.

Morlaix was een tip die we gekregen hadden van ‘Bretagnekenners’. Een van de mooiste plekjes van Bretagne was ons ‘beloofd’. Wat wij aantroffen waren zwervers, ‘n mistroostige camperplaats, een enorme kermis dwars over het grote plein, en afgesloten straten, er was een gaslek dus de pompiers waren met groot materieel ter plekke. Maar het spoorweg-viaduct uit 1864, met met een hoogte van 58 meter dat boven de stad uittorende was wel indrukwekkend. 

Dat samen met de regen maakte dat we snel uitgekeken waren. Eerlijkheidshalve: we hebben echt niet alles gezien, bij mooi weer en een andere keer geven we Morlaix nog een kans..

Dwars door Bretagne loopt een 4-baansweg, de N12. In dit regenachtige geval: heerlijk! We zoefden richting ‘t oosten om op een camping vlakbij Dinan neer te strijken. Hier willen we nog een stuk van de Canal d’Ille-et-Rance route fietsen en een wandeling maken door het mooie, hooggelegen, ommuurde Dinan.

Maar voorlopig regent het en hebben we ons bezig gehouden met lezen, F1 en het maken (nogmaals) van een achterband. Morgen bekijken wat we kunnen gaan waarmaken van de laatste plannetjes.

Dag 11 – 21 oktober: Grijs en nat

Een regendag! Iets anders viel er niet over te zeggen. De hele dag door 80 – 100% kans op regen.

Dan kan je zeggen, in je campertje blijven, of je gewoon nat laten regenen. We kozen uiteraard voor het laatste. We zijn vanaf de camping door een bos gaan afdalen naar de rivier La Rance. Vervolgens 20 minuten lopen langs het jaagpad, om daarna aan te komen in Port de Dinan. Om in het oude deel van Dinan te komen moesten we een klimpartij (zeker 20%!) ondernemen over natte keien. Het is een middeleeuws stadje, goed bewaarde, opgeknapte vakwerkhuizen. De oude leer – linnen – graan bedrijfjes hebben in de loop der tijd plaatsgemaakt voor kleine ateliertjes.

Te midden van dit alles staat de prachtige basiliek Saint Sauveur. De bouw is begonnen in de 12e eeuw en dus Romaans, en afgemaakt in de 16e eeuw en dus Gotisch.

Ondertussen bleef de regen maar vallen en zijn we na een Bretonse lunch met de afdaling terug naar de rivier begonnen, over spekgladde poepekeitjes, een zucht van verlichting toen we weer beneden waren.

De fietstocht langs de 11 sluisjes in de La Rance, die we voor deze dag voorgenomen hadden, moet nog maar een tijdje wachten… tot op de huid toe nat kwamen we bij de Moncayo terug.

Morgen starten we de tweedaagse terugreis.

Dag 12 – 22 oktober: Van mist tot zon

Vertrekdag. De plek waar de camper stond was best modderig. Dus even spannend of we er ‘uit’ zouden kunnen rijden. Probleemloos! Fijn, dat is een goede start van een rit van 600 kilometer tot net in België. 

De dag begon met een behoorlijk dikke mist. Af en toe probeerde de zon er doorheen te breken maar het duurde best lang voordat we weer goed om ons heen konden kijken.

Daarna volgde een lange weg, deels N-weg, deels Autoroute. We kwamen uiteraard alle afslagen tegen van alle mooie plekjes waar we deze reis zo van genoten hebben. Toen we een Nederlandse camper op de tegenoverliggende baan zagen rijden waren we heus een beetje jaloers op deze camperaars! Het werd een heerlijk dagje, alles ging relaxed, niet druk, mooie wegen en een lekker muziekje.

Pont de Normandie opnieuw over maar nu v.v. Even later ‘sprong’ de aankomsttijd van onze navigatie

naar zomaar een uur later…oponthoud rond Lille. Tja, we zijn erg verwend deze reis, want van oponthoud is nergens sprake geweest. Het werd een langzaam rijdende file over zo’n 12 kilometer.

Vermeldenswaard was de “uitholling-overdwars” waar we overheen denderde. Het achterste dakluik sprong min of meer uit zijn voegen, en dat geeft best problemen bij 100 kilometer per uur… Het zag er lelijk uit. Na 18 kilometer langzamer rijden en het luik vasthouden hebben we op een ‘aire’ het zaakje provisorisch met touwen vastgemaakt. Nog een geluk dat niet de hele boel van de camper losgeschoten is…! Enfin, het was al donker toen we op onze CP aankwamen. De schade bleek goed te herstellen, voorlopig maar een extra bevestiging gemaakt in afwachting van een definitieve oplossing. 

De CP is een terrein bij een camperdealer die voor 4 campers een gratis plek heeft ingericht. Electra, water, en afvalstation aanwezig. Top! Zouden er meer moeten doen. Morgen nog 250 kilometer.

Weer thuis

Ondanks dat de snelweg dicht bij was (makkelijk dus als je op doorreis ‘even’ een slaapplaats zoekt) heerlijk geslapen. ’s Ochtends nog de camperdealer bezocht. Even door de winkel gelopen, even de showroom bekeken…

Voordat we aan het laatste deel van onze herfsttrip begonnen, het grijze water weg laten lopen en de wc leeggestort. Mooie faciliteiten van een mooie CP.

Met een klein zonnetje vertrokken we, en het was best druk onderweg. Veel vrachtverkeer, veel hardrijdende Belgen op de linkerbaan. We hebben rustig aan gedaan. Maar toch gingen we de mist in.

Even na de Nederlandse grens bleek er een dikke mistdeken over het land te hangen. Deze trok maar langzaam op zodat we tot aan huis mist / nevel hadden.

Weer thuis.

2135 Kilometer gereden

4 CP’s onderweg, allemaal gratis, de rest campings.

1 dag slecht, een dag matig, verder prachtig weer gehad.

Bretagne opnieuw bezoeken was top, veel gezien, gewandeld, gefietst.

Nu de camper-probleempjes oplossen en dan de stalling in tot voorjaar 2025.